buitenom passeren van één concurrent

Buitenom passeren bij shorttrack
Vrije vertaling van ‘The Outside Pass’ door Susan Ellis 

Shorttrack is een spel van strategie en tactiek. De shorttracker moet goed geoefend zijn in het passeren aan de binnenzijde en in het passeren aan de buitenzijde van de tegenstander(s). Uiteraard moeten ze de situatie herkennen wanneer, welke manier te gebruiken is.

Te vaak is de shorttracker gefocust op het passeren aan de binnenzijde, terwijl er geen ruimte is. Ze komen klem te zitten achter de tegenstander of erger nog worden gediskwalificeerd in verband met een fout. Buitenom passeren is bij relatief lage snelheden bijna overal op de baan eenvoudig uit te voeren, maar bij hoge snelheden vereist dit nauwkeurige plaatsing op de baan, timing en goede snelheid van uitvoering.

Er zijn drie vormen van buitenom passeren:

- buitenom passeren van een grote groep (4 of meer);
buitenom passeren van een kleine groep (2 à 3) op het rechte stuk;
- buitenom passeren van 1 tegenstander bij het ingaan van de bocht.

De plaatsing en uitvoering van elke vorm van passeren is zeer verschillend. Hieronder volgt de beschrijving van het buitenom passeren van één concurrent. De andere 2 vormen van buitenom inhalen staan op andere subpagina's.

Buitenom passeren van één concurrent

Het passeren van één concurrent bij het ingaan van de bocht heeft het grootste verrassingselement en is moeilijk te verdedigen.
 

  1. Het passeren wordt gestart, door het inzetten van een versnelling bij het topblok (pos.nr. 1);
  2. Bij het laatste blok moet je ter hoogte van schouder (buitenzijde) van de concurrent zitten (pos.nr.2). Versnel zo hard mogelijk de bocht uit met al het vermogen dat je hebt. Je techniek moet dan voldoende zijn om de bocht goed te kunnen houden (oefenen!);
  3. Bij het passeren van de start/finish lijn zit je ter hoogte van je concurrent. Dit is het moment dat de concurrent zijn/haar aandacht verlegd van het rechte stuk naar het ingaan van de bocht en een passeerbeweging niet (meer) verwacht (pos.nr.3);
  4. Bij het eerste blok moet je de concurrent gepasseerd zijn (pos.nr.4);
  5. Zodra het mogelijk is ga je terug naar de binnenzijde (langs de blokken) van de bocht. Je blijft in de bocht versnellen om een tegenactie van de concurrent bij het uitkomen van de bocht te voorkomen (pos.nr.5).

    buitenom passeren van 1 concurrent
    Oefeningen
  6. Het trainingsprogramma voor het passeren van één concurrent bestaat uit 3 x 3 series van 4 rondes op 90 à 95% van de maximum snelheid, waarbij er 1 inhaalmoment is per ronde.